Open dag HBO Drechtsteden 2020

HBO Drechtsteden

Terugblik 'Werkstress bestaat niet'

Wied je emotionele tuin: Metaforen roeien werkstress uit tijdens inspiratiebijeenkomst van Robèrt Vendelbosch.

De inspiratiebijeenkomst Werkstress bestaat niet vond dinsdag 18 februari plaats in Schouwburg Kunstmin in Dordrecht, in samenwerking met Dordrecht Marketing, Bibliotheek AanZet en Kunstmin.

Sander Boogaard, docent toegepaste psychologie bij HBO Drechtsteden, introduceert Robèrt Vendelbosch. Robért is ervaren psycholoog kunnen we wel stellen en werkt voor ArboUnie, het Albert Schweitzer Ziekenhuis als zijnde medisch psycholoog en voor Forta Groep als docent Cognitieve Gedragstherapie. En passant vertelt hij even dat hij geen werkstress ervaart en dat wij last hebben van niets, werkstress bestaat immers niet. Geruststelling of nadenkertje? 

De eerste vraag aan het publiek brak meteen het ijs; Maar wie erváárt er weleens werkstress, zo luidde de vraag. U begrijpt, de handen vlogen de lucht in en gelach ontstond!

Het publiek ervaart duidelijk wél werkstress en staat soms afwachtend tegenover Robèrt zijn uitleg.

In het woord werkstress zit het woord stress verborgen. Dit begrip wordt alom als containerbegrip gebruikt, net zoals de term burn-out. Heeft het nou met consequenties van het werk te maken of met oorzaken door het werk? We hebben geen idee hoe dit begrip te definiëren maar we gebruiken het wel de hele tijd.

Werkdruk, meerdere taken, weinig collega’s, een reorganisatie, leidinggevenden of de branche zijn allemaal aspecten die stress mogelijk veroorzaken. Veelal gebeurt dit in de zorg en in het onderwijs.

Mogelijke consequenties zijn vaak lichamelijke of psychische klachten, minder of niet meer kunnen functioneren op werk….en privé mag  ook niet worden uitgevlakt volgens Robèrt.

Zouden we geen werkstress ervaren met werk dat gewoon okay is? Nee, zo werkt dat niet zo stelt Robèrt. Wat zegt dit? Waarom wordt de ene werknemer gestrest en de andere niet? Zou het hebben van een empathische baas helpen? Wat bijna onmogelijk is? Zouden we dan geen werkstress hebben? De absurditeit doet het publiek lachen – nee hoor.

Het magische woord lijkt coping te zin. Dat is het; hoe ga jij persoonlijk om met moeilijke situaties? Dan ga je het hebben over psychologische aspecten; niet over consequenties en oorzaken. Coping is een oplossingsstrategie; het is aangeleerd, je wordt er zeker niet mee geboren, vertelt Robèrt.

Werkstress en geen goede coping skills hebben aangeleerd, hebben niet één op één met elkaar te maken. Ook de ballast in je metaforische kofferbak, oftewel je emotionele ballast uit het verleden, tellen mee.  De vraag die je jezelf kan stellen is, of het de druppel is die de emmer doet overlopen of is de oorzaak datgeen dat al reeds in de spreekwoordelijke emmer zit? Hier gaat het om de grootte van de emmer waarmee je wordt geboren; het incasseringsvermogen.

‘Ballast in je kofferbak…? Emotioneel achterstallig onderhoud in de emmer..? Dan kan je overlopen’. -Robèrt.

Het is wel belangrijk dat de therapie die je krijgt voor ervaren werkstress ook ingaat op je verleden. Hier kan namelijk nog emotioneel ‘onkruid woekeren’ dat in de weg zit bij het functioneren in het dagelijks leven. Niet over je verleden willen praten met je psycholoog is eigenlijk hetzelfde als tegen de automonteur zeggen ‘mijn motor rammelt, maar de motorkap mag niet open’.

Een interessante casus om te zien wat er onder je emotionele motorkap afspeelt is een werknemer die een gesprek heeft met zijn of haar kritische baas. Dit gesprek verloopt zo heftig dat de werknemer zich zelfs ziek meld. Wat zit hier onder de emotionele motorkap? Een kritische vader uit zijn of haar jeugd waar stressklachten vandaan kwamen. Het verleden haalt je dus altijd in, en wederom, dit is geen werkstress, zo stelt Robèrt.

De psychologische aspecten bij stress zijn incasseringsvermogen uit het verleden - of erfelijk bepaald- en flexibiliteit. Dit laatste is het aanpassingsvermogen, wat is jouw mate van rigiditeit? Ben je flexibel? Dan heb je hoogstwaarschijnlijk geen of weinig last van werkstress.

Beeldvorming is de rode draad door de lezing van deze avond; Robèrt laat plaatjes van een volle kofferbak, een volle emmer en een ingestort huis zien. Deze laatste staat symbool voor het incasseringsvermogen.

Regelmatig gooit Robèrt deze avond de knuppel in het hoenderhok. Zit je emmer vol? Dan kan alleen jij hem legen. Hoeveel kan het publiek aan, hoe flexibel zijn wij..? Gaat de werkgever het probleem van werkstress dan nu altijd bij de werknemer leggen, Robèrt..? Volgens Robèrt willen we tegenwoordig ook wel erg veel op het werk; een leuke, empathische werkgever, plezier… leuke dingen doe je toch gewoon thuis? Het publiek krijgt nu al werkstress!

Robèrt legt deze avond regelmatig de bal weer terug bij het publiek; jullie zijn zelf verantwoordelijk voor het legen van jullie emmer en het wieden van jullie emotionele tuin, aldus Robèrt.

Het is interessant hoe het publiek deze avond weerstand tracht te bieden en hoe Robèrt op meerdere manieren het publiek probeert te overtuigen. En dat doet hij met een reden hoor, want wie wil nou tot zijn 68ste werkstress ervaren?

De vraag is nu voornamelijk; hoe houd je nou het onkruid uit je emotionele tuin in toom? Het publiek heeft duidelijk stelling genomen dat dit altijd terug groeit in principe en iets is waar je nooit vanaf komt! Robèrt stelt gerust; we kunnen het onkruid wieden!

Hoe kunnen we het emotionele onkruid achterhalen? Dit is pijnlijk, hoe diep zit dit namelijk wel niet geworteld? Reguliere behandeling is slechts pleisters plakken, zegt het publiek. Je blijft wel zitten met het onkruid; je maait het, snoeit het, ‘het ziet er optisch gezellig uit’ zo brengt Robèrt het luchtig over, maar de kern – de wortels – blijven onkruid produceren.

De zogenaamde snoeitherapie is bij de GGZ populair. Hierbij ligt de nadruk op hier en nu en is ‘op zijn best protocollair’, aldus Robèrt.  

In plaats van maaien en snoeien moeten we dus wieden. Voor wieden heb je minder tijd nodig; bij maaien en snoeien komt het steeds terug. Dat wieden meer tijd kost is dus een misvatting! Robèrt stelt: als je het onkruid achterhaalt, hoef je het er alleen maar uit te trekken- met wortel en al!’. Hiervoor zul je moeten graven, waar je vieze handen van krijgt, en ook moet je het er voorzichtig en met beleid uittrekken. Toch breken de wortels dan tenminste af en groeit er niets terug…uit het verleden.  

Door middel van de rode draad aan metaforen blijft het onderwerp helder en tot de verbeelding spreken.

De wortels die breken, gaan over zaken uit het verleden zoals controleverlies of machteloosheid, veroordeling en zelfbeeld,  kwetsbaarheid en het niet aankunnen van bepaalde zaken. Dit zijn thematische verbanden tussen verleden en nu.

Leerervaringen zijn onverwerkt als er disbalans is tussen ratio en emotie, als er informatie armoede in het verhaal zit, zoals ‘ik ging naar de middelbare school en werd alleen maar gepest’, als er vertraging of versnelling in de vertelling van een verhaal van iemand zit en als diegene geen positief aspect kan benoemen van de leerervaring.

EMDR is volgens Robèrt de meest effectieve wiedtherapie; ook CGT, exposure en rescripting zijn alternatieven.

Het gaat concluderend om ‘werkstress = leerervaringen’. Het publiek wordt aanbevolen om de regiebehandelaar altijd kritisch te bevragen of deze de snoeimethode of de wiedtherapie toepast..! De ontwikkeling van snoeien naar wieden zou alle patiënten met vermeende ‘werkstress’ ten goede komen!

‘Werkstress = leerervaringen en je bent zelf verantwoordelijk voor het legen van je emmer! En als u psycholoog bent wens ik u veel plezier met wieden!’ aldus Robèrt aan het einde van de avond.

Robèrt heeft zeker veel losgemaakt bij dit publiek, zo sluit Sander Boogaard de avond af, en bedankt Robèrt voor zijn inzet en verhaal. Na afloop was er gelegenheid om Robèrt één op één vragen te stellen op het podium.

De Bibliotheek AanZet – door Anne Huber.

Om deze video te bekijken dien je de cookies te accepteren en de pagina te refreshen.